Algemeen

Het collectief is in de eerste plaats verantwoordelijk voor de uitvoering van agrarisch natuur- en landschapsbeheer in het gebied. Dit wordt goed in het gebied verankerd, waardoor er meer samenhang in beheer georganiseerd wordt en daarmee de beheerkwaliteit en de ecologische kwaliteit in het gebied verbeterd. Er dient ruimte te zijn voor ondernemerschap en afspraken worden duurzaam vastgelegd. Het collectief maakt op basis van de gebiedsaanvraag aan de voorkant afspraken met overheden over de te leveren prestaties en aan de achterkant afspraken met de agrarische ondernemers over het te voeren beheer op bedrijfsniveau. Het collectief ziet toe op de uitvoering, controleert, sanctioneert en regelt betaling. Draagvlak, flexibiliteit en verantwoordelijkheid in de regio zijn de sleutelwoorden in deze aanpak.

Natuurinclusieve landbouw

In ons wensbeeld is natuurinclusieve landbouw een concept dat zich duidelijk onderscheidt van andere vormen van duurzame landbouw. Een concept dat zich richt op het gehele bedrijfssysteem, gericht op een brede versterking van de biodiversiteit op en rond boerenland, het verantwoord benutten van de functionele elementen daarvan en het minimaliseren van negatieve effecten op biodiversiteit in de omgeving. (verwijzing naar position paper BN)

Biodiversiteit

Het collectief zet zich actief in voor het behoud en de ontwikkeling van een diversiteit aan planten- en diersoorten die passen bij het oude cultuurlandschap. Daarbij herbergt het agrarisch cultuurlandschap veel meer biodiversiteit dan alleen de soorten uit het agrarisch natuurbeheer. Boeren zijn zich niet alleen bewust van het belang van diversiteit in cultuurrassen, maar ook van het belang van de variatie in de planten- en diersoorten in het omringende landschap. Biodiversiteit en landbouw kunnen hier veel voor elkaar betekenen. Uitgekiende akkerranden, samen met een netwerk van hagen en houtwallen, huisvesten natuurlijke vijanden die plagen in de landbouw te lijf gaan. Wormen verbeteren de bodemstructuur, bijen en hommels bestuiven fruitbomen en sluipwespen bestrijden bladluizen.

Maatschappelijk ondernemen

Het collectief bevordert dat agrarische ondernemers een bijdrage leveren aan maatschappelijke behoefte op het terrein van voeding, gezondheid, energie, klimaat en water. Kernpunten zijn: belang en waarden van natuur en landschap gekoppeld aan betrokkenheid van burgers en bedrijven en bescherming, ontwikkeling en beheer van natuur met economische ontwikkeling.

Samenwerking

Ketensamenwerking is belangrijk bij toekomstgerichte ontwikkelingen. Er is een zichtbare trend in consumentengedrag. De consument wil steeds meer weten over de producten die ze kopen, meer informatie over de herkomst van grondstoffen en over de wijze waarop die geproduceerd worden. De keten moet dus nadenken over de manier om dit soort informatie toegankelijk te maken. Onze voedselvoorziening staat vanwege allerlei redenen onder druk.

Samenwerking met kennisinstellingen, NGO en overheden is essentieel. Zowel op lokaal, regionaal als landelijk niveau. Boeren zullen op veel plaatsen te maken krijgen met effecten van klimaatveranderingen en zullen hulp nodig hebben om aanpassingsstrategieën te ontwikkelen en te implementeren. Zonder samenwerking tussen de ketenpartners is verduurzaming niet mogelijk.

Kennis en communicatie

Bij een professionele organisatie hoort aandacht voor kennis en communicatie. Om innovatie en verduurzaming te bereiken binnen de Agrofood sector is samenwerking tussen de ketens onontbeerlijk. Het collectief zet daarom actief in op bewuste en doelgerichte communicatie waardoor de leden en de consumenten informatie krijgen, verwerken en toepassen.

Water

Water en bodem zijn van cruciaal belang voor de agrarische bedrijfsvoering, voor bewerkbaarheid van de grond, betere benutting van nutriënten en gewasgroei. Via provinciale, landelijke en Europese regelingen wordt het verbeteren van de bodem en waterkwaliteit gestimuleerd. Het collectief vervult een actieve rol bij de uitvoering van maatregelen rondom agrarisch waterbeheer. De wateropgave die voor het gebied geformuleerd is, is gebaseerd op het Deltaplan Agrarisch Water (DAW). In samenwerking met de provincie, waterschap en LTO worden projecten opgezet en uitgevoerd.