GLB-pilot: uitvoering van de veldmaatregelen

Iedere nieuwsbrief geven we een update over de GLB-pilot “De kievit als boegbeeld voor vergroening van de melkveehouderij”, een project uitgevoerd door het Collectief. Op 15 juni eindigde de rustperiode van de randen, waarmee de veldmaatregelen geëindigd zijn. Het is dan ook tijd voor een korte terugblik.

Grofweg bestonden de maatregelen van de zogenaamde kievitpakketten uit randen, eventueel in combinatie met het uitrijden van ruige mest en/of drassige delen. Met name voor die laatste twee was het een uitdagend jaar. Het natte voorjaar zorgde ervoor dat het uitrijden van ruige mest voor 15 maart niet ging lukken. De deelnemers konden vervolgens kiezen: de periode verlengen tot 1 april of overstappen naar een ander pakket. Van beide opties is veelvuldig gebruik gemaakt.

Deelnemers met een pakket met drassige delen stonden voor de volgende uitdaging: de enorme droogte die volgde op de natte periode. Zelfs voor deelnemers die konden beschikken over een pomp was dit een uitdaging. Vooral in gebieden met een zandige bodem sijpelde het water makkelijk weg. Zonder pomp was het zelfs op natte, laaggelegen delen niet te doen, met een dagelijkse tocht met een giertank vol water tot gevolg. De deelnemers gaven wel aan, dat er veel vogels op de drassige delen afkwamen, dus de inspanningen waren niet voor niets.

Na de eerste snede waren de randen duidelijk zichtbaar. In de toekomst wil RVO de maatregelen graag met satellieten controleren. Het Collectief heeft geen satelliet, maar wel een drone. Na de eerste snede is de drone dan ook de lucht ingegaan om opnames te maken van de randen. De randen waren vanuit de lucht duidelijk zichtbaar. Met behulp van de dronebeelden wordt onder andere gecontroleerd of de randen de juiste afmetingen hadden.

Om te onderzoeken of de kieviten (en andere weidevogels) ook daadwerkelijk gebruik maken van de maatregelen, zijn verschillende vrijwilligers de afgelopen maanden in ieder pilotgebied aan de slag geweest. Iedere week of iedere twee weken liepen zij een vaste ronde door het gebied, waarbij gemonitord werd waar de vogels zich bevonden. De komende tijd gaan we alle resultaten analyseren, dus daarover in de volgende nieuwsbrief meer!

 

 

De onmisbare vrijwilligers

Ieder weidevogelseizoen is het weer duidelijk, dat de vrijwilligers onmisbaar zijn. Ook dit jaar komt de belangrijke rol van de vrijwilliger weer naar voren. Kortom, tijd om daar aandacht aan te besteden in deze nieuwsbrief.

Alle beperkingen vanwege corona hadden dit jaar ook invloed op de vrijwilligers. Waar vrijwilligers vaak samen het veld in gingen, gebeurde dat dit jaar ineens alleen. Sommige vrijwilligers wilden, heel begrijpelijk, dit jaar overslaan, maar vele anderen hebben zich ook nu weer ingezet voor de bescherming van weidevogels. Vele percelen zijn dan ook dit jaar weer afgezocht en vele nesten zijn gevonden, gemarkeerd en geregistreerd. Daarbij is de drone in verschillende gebieden ingezet ter ondersteuning van het lokaliseren van de nesten. Ook is in verschillende gebieden specifieke monitoring uitgevoerd, waaronder de BTS-telling in enkele gebieden en de monitoring voor de GLB-pilot. Tijdens en na het weidevogelseizoen is er veelvuldig afstemming tussen deelnemers, vrijwilligers en veldcoördinatoren om gezamenlijk te werken aan het verbeteren van het leefgebied en het broedsucces van de weidevogels.

Het enthousiasme en doorzettingsvermogen van de vrijwilligers is bewonderingswaardig. Het is een intensieve periode die begin maart start en veelal tot eind juni voortduurt. De observatie van het gedrag van de vogels, het plezier van het vinden en beschermen van een nest, de contacten met agrariërs voor afstemming van de bescherming en eventueel de koppeling aan beheermaatregelen. Maar helaas ook steeds vaker de teleurstelling van een gepredeerd nest en het verhongeren van kuikens.

Deelnemers geven keer op keer aan hoe blij ze met de vrijwilligers zijn. De inzet en kennis van de vrijwilligers worden door de deelnemers als onmisbaar ervaren. Wie zoeken er anders nesten en gezinnen op voordat er gemaaid gaat worden? Wie rasteren er anders nesten uit om predatie te voorkomen? Vaak heeft de inzet van de vrijwilligers een grote positieve invloed op het succes van legsel. Denk aan een nest dat gespaard wordt doordat vrijwilligers deze vonden en last minute beheer dat met behulp van vrijwilligers op de juiste locatie terecht komt.

Kortom, vrijwilligers zijn een onmisbare schakel in de gezamenlijke bescherming van weidevogels. Onze dank richting de vrijwilligers is dan ook groot!

 

 

Soort uitgelicht: de kamsalamander

Iedere nieuwsbrief lichten we een soort uit, waar we ons als Collectief met onze leden voor inzetten. Dit kan een weidevogel zijn of een soort van de zogenaamde “droge dooradering”. Deze keer een soort van de “droge dooradering”: de kamsalamander.

De kamsalamander is een amfibie, die zijn naam te danken heeft aan de getande kam op de rug van de mannetjes in de voortplantingstijd. Kamsalamanders zijn vrij groot: ze kunnen tot 20 cm lang worden. Kenmerkend is daarnaast de oranje buik met donkere vlekken, waardoor de buik soms bijna zwart is. Op het land is de soort erg donker met enkele lichte vlekken. De kam is op dat moment ook verdwenen.

De soort is binnen het ANLb-leefgebied droge dooradering een doelsoort voor de verschillende pakketten van “Poel en klein historisch water”, maar ook van “Houtwal en houtsingel”. De betreffende poelen gebruikt de kamsalamander voor de voortplanting. De houtwallen, bosjes en andere opgaande begroeiing zorgen voor een vochtige, vorstvrije omgeving, waar ze buiten de voortplantingsperiode en in de winter weg kunnen kruipen.

Voor het voortplanting zijn heldere wateren met een goed ontwikkelde onderwatervegetatie van belang. De eitjes worden namelijk afgezet in deze vegetatie. Ook is het van belang dat er zonlicht op het water komt en dat er gedurende de hele voortplantingstijd water in staat. Vanaf maart trekken de volwassen kamsalamanders richting het water voor de voortplanting. Na de voortplanting gaan de meeste kamsalamanders weer richting het landbiotoop.

Eieren zijn vooral in april en mei te vinden in de vegetatie van de voortplantingswateren. Na enkele weken komen de eieren uit en zijn de larven te vinden. De larven hebben na het uitkomen kieuwen en blijven daardoor in het water. Na enkele maanden vindt de metamorfose plaats, waarna ook de jonge dieren het water verlaten.

Buiten de voortplanting komt de kamsalamander voornamelijk op het land voor in gebieden van het kleinschalige landschap. De soort komt in Overijssel vrij veel voor op en rond landgoederen. Binnen het werkgebied van het Collectief komt deze soort in relatief lage dichtheden voor in de omgeving van Paasloo, Woldberg/ Eese en Punthorst.

 

Deelnemer uitgelicht: Gijs Schoonhoven

In de nieuwsbrief lichten we een deelnemer aan het ANLb uit. Wat voor beheer heeft deze deelnemer? Wat zijn de drijfveren om mee te doen? Welke aanpassingen in de bedrijfsvoering zijn er nodig om mee te doen? In deze “deelnemer uitgelicht” melkveehouder Gijs Schoonhoven.

Bedrijf: melkveebedrijf in Oldemarkt aan de rivier de Linde
Runt bedrijf met: in maatschap met zijn vrouw Riane, zoon Jelle werkt en denkt mee met bedrijfsvoering en studeert aan Van Hall in Leeuwarden
Aantal stuks melkvee en jongvee: 120 melkkoeien en 50 stuks jongvee
Aantal hectares: huiskavel van 50 ha grasland en twee veldkavels van 6 ha gras en 6 ha mais
Overig: komt van oorsprong uit het westen van het land en woont nu al weer 10 jaar op deze locatie

Hoe lang doe je al aan weidevogelbeheer?

De zorg voor weidevogels heb ik meegekregen van mijn vader Joop. Hij was een echte liefhebber van weidevogels, waardoor ik niet beter weet dat er altijd al aan nestbescherming mee gedaan werd. 

Welke pakketten heb je afgesloten binnen ANLb?

Op de huiskavel hebben we op een strook van 8 bij 1500 meter langs de Linde een ANLb contract kruidenrijk grasland, daarnaast doen we op de gehele huiskavel mee aan legselbeheer. Er is in ons gebied een actieve vogelwacht die nesten opzoekt en eventueel markeert, maar helaas komen we dit jaar haast niet aan beschermen toe door de vele predatie. Van de 85 nesten die de vogelwacht in de broeklanden had gevonden, zijn er maar een twintigtal uitgekomen.                                                                             

Op de veldkavel van 6 ha hebben we vorig jaar volledig een ANLb kruidenrijkgrasland contract afgesloten met daarin een plasdras. Voor dit jaar hebben we gelukkig dit contract wat kunnen wijzigen. 2,5 ha van de 6 ha is naar ontwikkelpakket kruidenrijk omgezet, zodat we dat gedeelte vanaf 22 mei al konden maaien. Vorig jaar was de snede na 15 juni veel te zwaar. De bedoeling is door nu wat vaker te maaien de bodem te verschralen, zodat kruiden meer kans krijgen.
De plasdras was dit jaar succesvol. Mooi om te zien dat vooral in dit droge voorjaar weidevogels naar de plasdras toe trekken. Doordat er op 15 juni nog veel kuikens rond de plasdras liepen, kregen we de mogelijkheid om de maaidatum nog een week op te schuiven, wat weer een leuke plus gaf op de financiële tegemoetkoming. 

Wat zijn je drijfveren om mee te doen met ANLb?

Naast dat wij van weidevogels kunnen genieten past ANLb in onze bedrijfsvoering. Door het beheer haal je flink minder voer van het land, maar daar staat een vergoeding tegenover en lagere bewerkingskosten. Het schralere voer, kort gesneden in de baal vormt een mooie structuurbron in het rantsoen van vooral de droge koeien.

Welke aanpassingen in jouw bedrijfsvoering zijn er nodig om mee te kunnen doen?

Van de kruidenrijke percelen zijn de droge stof opbrengst en kwaliteit lager dan van een gangbaar perceel. Daar moet je wel rekening mee houden, vooral in jaren wanneer er door droogte al weinig groeit. Nestbescherming kost je wel wat tijd, maar dat hoort er gewoon bij.

Wat hoop je te bereiken met deelname aan weidevogelbeheer?

Ik hoop dat het succesvol is en de weidevogels weer toe nemen. Valt soms niet mee met alle predatoren. Daarom vind ik het goed dat de vogelwacht op veel plekken in kaart brengt wat de oorzaak van predatie is. Hopelijk kan er dan een keer wat aan de oorzaak gedaan worden.

Wat zou je andere deelnemers die twijfelen over het ontwikkelpakket kruidenrijk grasland mee willen geven?

Om meer kruiden in grasland te krijgen heb je wat schralere grond nodig, daar is het ontwikkelpakket voor. Ik snap dat het Collectief resultaat verwacht om mee te kunnen doen met ANLb kruidenrijk grasland.

 

 

 

 

 

 

 

 

Onderhoud poelen van start

Binnen het leefgebied droge dooradering hebben verschillende deelnemers ANLb-pakketten afgesloten voor één van de pakketten “Poel en klein historisch water”. We merken dat het bij verschillende poelen lastig is om in deze droge periode water vast te houden. De poelen mogen incidenteel droog vallen vanaf 15 juni, maar door de uitzonderlijke omstandigheden is een deel van de poelen dit jaar al eerder drooggevallen. Mocht dit bij u ook zo zijn, meld dat bij onze veldcoördinatoren, zodat we samen met u kunnen kijken hoe we dit kunnen tackelen in de toekomst.

Binnen deze pakketten is het van belang dat de poelen periodiek opgeschoond worden. De periode waarin dit beheer plaatsvindt, is tussen 15 augustus en 15 november. Heeft u een poel in beheer? Dan mag u in deze periode het onderhoud uitvoeren. Denk eraan dat het uitgevoerde beheer binnen zeven dagen bij het Collectief gemeld dient te worden.

 

 

Wat wel en niet doen bij kruidenrijk grasland?

Kruidenrijk grasland leeft onder boeren, bij de overheden en bij verschillende andere organisaties, zoals melkfabrieken. Maar het ontwikkelen van kruidenrijk grasland is niet altijd eenvoudig. We krijgen dan ook regelmatig vragen van deelnemers. Een aantal van deze vragen proberen we hier te beantwoorden. Ook mogen we een digitaal boekje van expert Wim Schippers over een proefproject met jullie delen.

Hoe voorkom je dat het perceel in het (witbol) dominant stadium terecht komt?

Bij het ontwikkelen van kruidenrijk grasland is verschraling van het land noodzakelijk. Maar vaak ontwikkelt zich vanuit een voedselrijke situatie geen kruidenrijk grasland, maar een dominante grasvegetatie van voornamelijk witbol of grote vossenstaart. Dit is meestal niet geschikt als kuikenland, waar kruidenrijk grasland voor bedoeld is. In de dichte, en vanaf eind mei vaak legerende, vegetatie kunnen de kuikens letterlijk niet uit de voeten. Ook voor de deelnemer is dit vaak onwenselijk vanwege de zware maaisnede, schimmelvorming op de bodem en de knauw die de grasmat daarvan krijgt. De oorzaak hiervoor is dat het land nog onvoldoende verschraald is, maar dat er wel laat (vanaf 15 juni) gemaaid wordt, zoals de beheereisen onder ANLb aangeven. Sinds dit jaar zijn er twee ontwikkelpakketten voor kruidenrijk grasland opengesteld. Hierbij is het mogelijk om eerder te maaien, waardoor voedingsstoffen sneller afgevoerd worden. Eén van deze pakketten is speciaal bedoeld om het dominant stadium te voorkomen of te doorbreken. De eerste pakketten zijn dit jaar afgesloten en de resultaten daarvan zijn positief! Heeft u interesse in dit pakket? Neem dan contact op met uw veldcoördinator https://www.collectiefnoordwestoverijssel.nl/organisatie/werkorganisatie/.

Heeft het nut om in te zaaien bij kruidenrijk grasland?

Inzaaien of doorzaaien heeft zeker nut, maar voor een succesvolle poging zijn wel een aantal zaken belangrijk. Op het moment dat een perceel nog erg voedselrijk is, groeien de grassen snel. Deze overwoekeren de ingezaaide kruiden, waardoor deze niet opkomen of al snel weer verdwijnen. Inzaaien of doorzaaien heeft dus pas nut als het perceel voldoende verschraald is. Daarnaast zijn niet alle mengsels even geschikt om mee in te zaaien. Voor een langdurig succes zijn slechts een aantal mengsels geschikt. Uw veldcoördinator kan u hierover informeren.
Bij een proefproject in het Staphorsterveld is het inzaaien bijzonder goed gelukt, er is daar mooi kruidenrijk grasland ontstaan. Afgelopen jaar is er binnen dit project ook doorgezaaid (tijdens ondergenoemde kennisbijeenkomst). De resultaten daarvan zien we komend najaar.

Vorig jaar heeft Wim Schippers, expert op gebied van ontwikkeling van kruidenrijk grasland, tijdens onze kennisbijeenkomst over dit onderwerp een lezing gegeven. Recent is er een digitaal boekje uitgekomen over een proefproject voor het ontwikkelen van kruidenrijk grasland in Noord-Holland. Dit boekje is beschikbaar onder https://www.albelli.nl/onlinefotoboek-bekijken/26911c2a-b60a-4d2c-8821-9fc04de32831.

 

Beheerjaar 2020: hoe staan we ervoor?

Beheerjaar 2020: hoe staan we ervoor?

Het weidevogelseizoen nadert zijn eind, verschillende kuikens zijn vliegvlug en meerdere oudervogels zijn alweer vertrokken. Enkele vogels zijn nog bezig met vervolglegsels, dus hopelijk komen er nog wat vliegvlugge kuikens bij. De resultaten worden nog geanalyseerd, maar verschillende zaken vielen dit weidevogelseizoen op.

Allereest waren de weersomstandigheden opnieuw bijzonder. Het natte voorjaar maakte het voor agrariërs lastig het land op te gaan, voor de terugkerende vogels betekende het water dat voedsel makkelijk beschikbaar was. De daaropvolgende droogte maakt het de vogels wel lastig. De harde bodem maakt het moeilijk om in de bodem naar voedsel te zoeken. Voor volwassen vogels was het lastig om voldoende op te vetten voor het broedseizoen en om voldoende in conditie te blijven tijdens het broeden. Ook zorgt de droogte ervoor dat er minder insecten aanwezig zijn voor de jonge vogels. Dit geldt bijvoorbeeld voor de kievitjongen die afhankelijk zijn van natte, slikachtige plekken waar ze voedsel vinden. Zowel voor de oudervogels als voor de kuikens was de droogte dus een groot knelpunt.

Dit jaar maakte dan ook opnieuw duidelijk dat water (plasdras, hoog waterpeil) enorm belangrijk is voor weidevogels. Nabij plasdrassen en andere locaties waar het waterpeil verhoogd is, concentreerden zich vele broedparen met hun jongen. Hier was voldoende en goed bereikbaar voedsel aanwezig. Zeker op die plekken zijn verschillende kuikens vliegvlug geworden.

Predatie lijkt dit jaar behoorlijk toegenomen ten opzichte van afgelopen jaren. In 2019 waren er veel muizen, waardoor er voldoende voedsel was voor roofdieren. Mogelijk hebben ze zich het afgelopen jaar dan ook goed voortgeplant. Inmiddels is de muizenstand in veel gebieden veel lager, maar zijn er wel veel rovers die voedsel nodig hebben. Eieren en kuikens vormen dan een goed alternatief.

Het Collectief is zich erg bewust van predatie. Predatiebestrijding staat dan ook continu op de agenda, zowel op juridisch gebied als op ecologisch gebied. Dit najaar gaat het Collectief bijvoorbeeld in gesprek met de verschillende WBE’s om samen te kijken waar en hoe de bestrijding van de vos verbeterd kan worden. Daarnaast proberen we het zo moeilijk mogelijk te maken voor predatoren door het leefgebied van de vogels te verbeteren. Zo vergroten we de openheid door bomen weg te halen, verhogen we waterpeilen als barrière en sluiten we extra hectares kruidenrijk grasland en grasland met rustperiode af voor meer dekking en voedsel.

In het Staphorsterveld zijn veel wulpennesten met succes uitgerasterd tegen predatie: het eerste beeld is dat het uitkomstsucces verdubbelt op deze manier! Ook het uitrasteren van plasdrassen lijkt op verschillende locaties goed gewerkt te hebben ter voorkoming van predatie. De resultaten van het uitrasteren gaan we nader onderzoeken.

Tot slot zien we dit jaar wederom een toename van last minute beheer, waarbij deelnemers kuikenvelden hebben gespaard en waarbij beheer verlengd is. Dit gebeurt altijd ten behoeve van de aanwezige weidevogelgezinnen. Bij last minute beheer werken vaak deelnemers, vrijwilligers en de veldcoördinatoren samen om dit te realiseren. We kunnen dan ook spreken van een gezamenlijk succes!

 

 

Van de voorzitter

Wat zet je in een nieuwsbrief in een jaar waarin de corona-pandemie om zich heen grijpt? Iedereen is in meer of mindere mate geraakt door de corona. Ook de agrariërs merken de effecten van deze crisis. En toch gaat het agrarisch natuurbeheer gewoon door. Er zijn dan ook voldoende onderwerpen waarover we u willen informeren in deze nieuwsbrief.

Inmiddels is het broedseizoen bijna ten einde, waardoor we in deze nieuwsbrief terugblikken op de eerste resultaten. De effecten van de droogte en predatie zijn dit jaar duidelijk zichtbaar, maar gelukkig zijn er ook positieve resultaten te melden!

Daarnaast krijgen we regelmatig vragen over de ontwikkeling van kruidenrijk grasland. In deze nieuwsbrief beantwoorden we enkele van de meest gestelde vragen. Uiteraard lichten we ook weer een deelnemer uit. Dit keer gaat het om Gijs Schoonhoven. De soort die we dit keer uitlichten is de kamsalamander, een soort waarvoor leden met een poel zich inzetten. Het onderhoud aan deze poelen kan overigens binnenkort ook weer plaatsvinden.

In deze nieuwsbrief brengen we ook een ode aan de vrijwilligers. Zonder deze vrijwilligers is het bijna onmogelijk om weidevogelbeheer uit te voeren. Tijd dus om deze vrijwilligers eens in het zonnetje te zetten!

Het testen van veldmaatregelen onder de GLB-pilot is inmiddels ten einde. In deze nieuwsbrief een korte terugblik op de ervaringen tijdens dit seizoen.

Tot slot willen we stilstaan bij het overlijden van onze veldcoördinator in de IJsseldelta Joop Beens. Joop heeft zich vanaf de oprichting ingezet voor het Collectief. We gaan Joop en zijn inzet ontzettend missen.

Jan van der Weerd

Vacature veldcoördinator

Vacature veldcoördinator voor het Collectief Noordwest Overijssel in gebied IJsseldelta

Collectief Noordwest Overijssel wil een partner zijn voor de boeren die aan de slag willen met natuur, landschap en biodiversiteit en in de nabije toekomst ook met thema’s als klimaat en kringlooplandbouw. Dat partner zijn betekent dat we boeren kunnen adviseren over te nemen maatregelen en uit te voeren beheer, dat we kunnen zorgen voor afstemming met collega boeren maar ook met derden om het beheer zo optimaal mogelijk tot z’n recht te laten komen. Tegelijkertijd kunnen we het beheer intekenen, administreren, controleren en borgen zodat de boer uiteindelijk ook door andere partijen beloont en gewaardeerd kan worden voor zijn inspanningen en prestaties.

Voor het uitvoeren van werkzaamheden binnen het Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLb) en veldcoördinator in de IJsseldelta. Het zwaartepunt van de uitvoering van de vacante werkzaamheden ligt op het weidevogelbeheer in de IJsseldelta. Naast het uitvoeren van werkzaamheden binnen het ANLb kan ook inzet gevraagd worden binnen verschillende projecten.

Het is van groot belang dat de veldcoördinator het vertrouwen van de achterban heeft, affiniteit

heeft met ANLb en plattelandsontwikkeling, dat hij/zij in staat is het collectief en het ANLb belang naar buiten toe uit te dragen, voldoende tijd beschikbaar heeft om zich in te zetten voor het collectief en in staat is om bruggen te slaan tussen de verschillende gebiedspartijen.

De medewerkers moeten bovendien voldoende afstand kunnen nemen tot het privé belang van de
individuele boeren/deelnemers en onafhankelijk van die belangen kunnen adviseren, ook als
dat adviezen zijn die weerstand kunnen oproepen.

We zijn hierbij op zoek naar diegene die zich herkend in het volgende profiel:

  • Heeft HBO-werk- en denkniveau, aantoonbaar verkregen via opleiding en/of ervaring;
  • Kent het reilen en zeilen van de agrarische sector;
  • Kan zelfstandig werken, is initiatiefrijk en kan goed organiseren;
  • Is in staat goed te communiceren met agrariërs, vrijwilligers en overige gebiedspartijen;
  • Heeft een goede basiskennis van weidevogels. Kennis van landschapsbeheer is een pré;
  • Is in het bezit van rijbewijs B en heeft een auto tot de beschikking;
  • Is flexibel inzetbaar binnen het gehele werkgebied van het Collectief voor een gemiddelde inzet van ongeveer 10-20 uur in de week en is bereid zich in een ZZP-constructie aan het collectief te verbinden. Het voorjaar en najaar zijn hierbij piekperiodes met mogelijk een hogere inzet, terwijl in de winter- en zomerperiode relatief minder inzet gevraagd wordt.

Bij de functie horen de volgende taken en verantwoordelijkheden:

  • Verricht uitvoerende werkzaamheden op het gebied van ANLb en projecten, zoals bijvoorbeeld het voeren van keukentafelgesprekken met agrariërs en het afsluiten van beheercontracten
  • Handelt in- en externe vragen binnen het aandachtsgebied af
  • Stemt op uitvoeringsniveau af met samenwerkingspartners
  • Begeleidt en coacht de agrarische leden bij de uitvoering van het ANLb en andere projecten
  • Begeleidt en coacht vrijwilligers bij de uitvoering van de monitoring en de ondersteuning van de deelnemers
  • Voert administratieve werkzaamheden uit volgens de daarvoor geldende afspraken
  • Is aanspreekpunt voor Agrarische Natuurvereniging (ANV) Camperland.
  • Legt verantwoording af aan de projectleider

Wat mag u van het collectief verwachten?
Wij bieden u de uitdaging om bij te dragen aan het proces van een zorgvuldig beheer van de natuur- en landschapswaarden in het werkgebied van het collectief. Hier staat een vergoeding van €45/uur excl. BTW tegenover.

Informatie over deze vacature is te verkrijgen bij Peter van den Brandhof, e-mail: [email protected]of telefoon: 06-21876522.

Solliciteren op deze vacature kan tot en met 8 juli door het sturen van uw cv en motivatie per email aan: [email protected]