Soort uitgelicht: steenuil

Iedere nieuwsbrief lichten we een soort uit, waar we ons als Collectief met onze leden voor inzetten. Dit kan een weidevogel zijn of een soort van de zogenaamde “droge dooradering”. Deze keer een soort van de “droge dooradering”, die ook veel op en rond erven te vinden is: de steenuil.

De steenuil is het kleinste uiltje dat van nature in Nederland broedt: het formaat zit tussen een merel en een Turkse tortelduif in. De steenuil heeft een kenmerkende roep, die je met name in het donker hoort. Vooral in het voorjaar is de roep veelvuldig hoorbaar: vaak de eerste indicatie dat deze soort aanwezig is. De steenuil heeft een wat gedrongen lichaam met een vrij brede, platte kop en grote, gele ogen. De bovenzijde van deze uil is bruin met witte vlekken, de onderzijde is lichter, maar ook gevlekt.

Steenuilen komen vooral voor in kleinschalige cultuurlandschappen met een afwisseling van bijvoorbeeld houtwallen, heggen, boomgaarden en weilanden. De soort wordt regelmatig op erven aangetroffen, met name op erven met rommelige hoekjes en ruige stukken. Vooral in grootschaligere landbouwgebieden zijn deze erven noodzakelijk voor de overleving. Vaak jagen steenuilen vanaf zitplaatsen, bijvoorbeeld een paaltje, op kleine zoogdieren, vogels, insecten (kevers en nachtvlinders) en andere ongewervelde dieren.

De steenuil broedt in holtes van bomen, vooral oude knotwilgen en oude fruitbomen. Ook broedt de soort in gebouwen, bij voorkeur in een hoek of nis. Daarnaast zijn er speciale, langwerpige steenuilenkasten beschikbaar, waarbij de nieuwste exemplaren voorzien zijn van een soort sluis om te voorkomen dat marterachtigen binnen komen.

Meestal leggen steenuilen drie tot vijf eieren in één legsel per jaar. De eieren komen na ongeveer vier weken uit, waarna het circa anderhalve maand duurt voordat de jongen vliegvlug zijn. Ook wanneer de jongen vliegvlug zijn, zorgen de ouders nog enkele weken voor ze. De jonge steenuilen vertrekken vervolgens, maar vestigen zich meestal binnen 10 kilometer van de plek waar ze uit het ei kwamen. Volwassen steenuilen zijn zeer plaatstrouw en blijven meestal jaarrond in hun territorium.

Wilt u op uw erf wat doen voor de steenuil? Plaats dan een steenuilenkast en zorg voor rommelige en ruige hoekjes. Jonge steenuilen verdrinken regelmatig in drinkbakken voor vee. U kunt dit voorkomen door bijvoorbeeld een loopplank in de drinkbak te maken of door gebruik te maken van een speciaal daarvoor ontwikkelde drinkbak, zie https://www.steenuil.nl/veilige-drinkbak. Wellicht is er in uw buurt een uilenwerkgroep die u kan helpen.

 

 

 

Deelnemer uitgelicht: Kors den Hartog

In elke nieuwsbrief lichten we een deelnemer aan het ANLb uit. Wat voor beheer heeft deze deelnemer? Wat zijn de drijfveren om mee te doen? Welke aanpassingen in de bedrijfsvoering zijn er nodig om mee te doen? In deze “deelnemer uitgelicht” Kors den Hartog uit Eesveen.

Type bedrijf: biologische jongveeopfok

Samenwerking met: één ander bedrijf, waarvoor we het jongvee opfokken

Aantal stuks vee: 110 stukje jongvee van verschillende rassen/ kruisingen

Aantal hectares: 54 ha, uitsluitend grasland


Hoe lang doe je al aan weidevogelbeheer?

Sinds 2004 wonen we op deze locatie in Eesveen. Op dat moment waren er meer weidevogels dan nu. Ik wilde graag aan weidevogelbeheer doen, maar het was toen niet mogelijk om gesubsidieerd beheer af te sluiten. Desondanks deed ik wel aan weidevogelbeheer.
We wonen op de grens van Drenthe, waar ik contact had met de vrijwilligers uit Wapserveen. We hadden vooral kieviten en de vrijwilligers kwamen bij ons om op het maisland kievitnesten te markeren. Daarnaast hadden we ook drie gruttoparen op het land. Speciaal daarvoor had ik op een perceel een ander gewas ingezaaid, dat ik tot 1 juli liet staan. Dit gewas voerde ik aan de droge koeien. Vanaf 2016 werd Eesveen een kievitgebied, waar wel gesubsidieerd beheer afgesloten kon worden. Vanaf 2017 doen we mee met het ANLb.

 

Welke pakketten heb je afgesloten binnen ANLb?

We hebben een plasdras en kruidenrijk grasland, waar we ruige mest uitrijden. Daarnaast hebben we regelmatig last minute beheer afgesloten in de vorm van een kuikenveld, waardoor deze percelen een verlate maaidatum hebben.

Wat zijn je drijfveren om mee te doen met ANLb?

Weidevogels horen in het landschap en zonder weidevogelbeheer gaat het fout met de weidevogels. Ook zonder subsidie zou ik blijven meedoen aan weidevogelbeheer, maar wellicht zonder plasdras. Er zijn bedrijven in Nederland waar het goed gaat met weidevogels, dat is bij boeren die de bedrijfsvoering richten op weidevogels en er veel voor doen. Mijn belangrijkste drijfveer is minimaal het behouden van de huidige aantallen weidevogels, maar het liefst zie ik dat de aantallen toenemen.

Het landelijk beleid richt zich wat meer op een extensievere bedrijfsvoering. Dat je een plus ontvangt voor maatregelen die je neemt voor biodiversiteit vind ik positief. Om wereldwijd mee te kunnen doen is het nodig om op te schalen, je producten zelf te verwerken en af te zetten of om nevenactiviteiten uit te voeren. Het zou goed zijn om dit te doorbreken met een extensievere bedrijfsvoering, waarbij weidevogels meer kans krijgen.

 

Recent is je plasdras uitgerasterd tegen grondpredatoren. Hoe zijn jullie daartoe gekomen?

Zes jaar geleden was ik via de Vogelbescherming op excursie bij een weidevogelboer, die al 13 jaar percelen uitrastert. Dit was fantastisch om te zien: de aantallen vogels groeiden en predatie door de vos nam enorm af. Veel kieviten broedden binnen het raster, waardoor vliegende predatoren geen kans kregen tegen de grote aantallen kieviten die ze belaagden.

Volgens mij is dit een goede manier om de aantallen weidevogels te laten groeien, in combinatie met plasdras en voldoende voedsel. Dit wilde ik zelf ook graag op mijn bedrijf en heb dit met Klaas (veldcoördinator, red.) besproken en daarna is het gaan lopen. Dit voorjaar is 1500 meter raster gearriveerd en heb ik deze samen met de vrijwilligers geplaatst. Ik heb het raster gecontroleerd, zodat de draden laag genoeg zijn, en de stroom erop gezet. Op dit moment maai ik het gras onder raster weg, zodat de stroom erop blijft. Dit is veel werk, dus hulp hierbij zou welkom zijn.

Vorig jaar was de predatie dramatisch. Ik had samen met de vrijwilligers nesten gevonden, die een paar dagen later leeg waren en 10 meter verderop lag een nieuw nest. Ik heb vervolgens de jager gebeld, die vaker is gaan jagen op vossen. Daarna ging het beter met de kieviten. In het gebied aan beide zijden van de Aa zijn vorig jaar 90 vossen geschoten. Ook in de vossenval vlak naast de plasdras zijn negen vossen gevangen sinds afgelopen najaar. Een groter wordend probleem bij ons in de polder is het aantal ooievaars. Afgelopen jaar liepen er zestien achter de maaier aan. En ook de steenmarter rukt op in aantallen.

 

Welke aanpassingen in jouw bedrijfsvoering zijn er nodig om mee te kunnen doen?

Weidevogelbeheer past mooi in mijn biologische bedrijfsvoering. Eerder ging het grove hooi van het kruidenrijk grasland naar de droge koeien. Met jongvee is dat wat lastiger, maar de drachtige pinken eten het grove hooi ook. Daarnaast gaat een deel nu naar mensen met paarden.

Het kost wat tijd, maar voor mij is weidevogelbeheer een hobby. Ik vind het fantastisch als je de vogels ziet broeden, vooral als het nest niet leeggeroofd wordt. Je ziet vanaf de trekker de kieviten een nest bouwen. Ik mag bovengronds mest uitrijden, dus dan zet ik een emmer op het nest, zodat het nest schoon blijft. Daarna gaan de kieviten gewoon weer verder met broeden.

Sowieso zitten we hier in een zandig gebied, waardoor het veel werk is om plasdras vol te houden. Inmiddels is er een sliklaag ontstaan in plasdras, die zorgt voor minder wegzijging. Op warme dagen is er veel verdamping, waardoor ik afgelopen jaar regelmatig moest bijpompen .

 

Wat hoop je te bereiken met deelname aan weidevogelbeheer?

Het zou mooi zijn om de groei weer in de aantallen weidevogels te krijgen. Als je dat voor elkaar krijgt, dan weet je dat het werkt. Dat geeft ook de meeste voldoening, in tegenstelling tot het verlies door predatie. Vroeger ging mijn vrouw in de polder liggen om naar het geluid van de weidevogels te luisteren. Het geluid van deze vogels is zo mooi, net zoals het baltsen. We hopen dat we dat weer meer terug krijgen!

 

Welke tips over weidevogelbeheer heb je voor andere deelnemers?

Nog steeds markeren in sommige gebieden de vrijwilligers de nesten. Markeer nesten zo min mogelijk, want predatoren volgen je spoor. Wij zetten een stok aan slootkant en niet bij nest. Vanaf de trekker is dan vaak goed te zien waar de nesten zitten.

Maai daarnaast ruim om nesten heen, zodat een strook overblijft, het liefst minimaal 5-6 meter breed en 10-12 meter lang. Het nest heeft dan meer kans om uit te komen.

 

Legsel zoeken met drones

Om nesten te zoeken is het niet noodzakelijk om het veld door te struinen. Ook met drones zijn legsels goed op te sporen. Collectief Noordwest Overijssel heeft hiervoor inmiddels vijf weidevogeldrones in zijn bezit.

De vijf weidevogeldrones worden gedurende het seizoen ingezet om nesten en eventueel kuikens te zoeken. Verschillende vrijwillige dronepiloten zijn opgeleid om met de drone aan de slag te gaan. De drones zijn voorzien van een warmtebeeldcamera, die voornamelijk temperatuurverschillen detecteert.

De grootste temperatuurverschillen zijn waarneembaar tijdens zonsopkomst, waardoor de dronepiloten voor dag en dauw aan de slag gaan om de nesten te zoeken. De piloot bestuurt de drone en kan rechtstreeks op een schermpje zien waar warmtebronnen aanwezig zijn. Is er een warmtebron gezien, dan onderzoek je of je hierbij te maken hebt met een nest of bijvoorbeeld een haas. Dat kan met de drone, maar ook doordat een vrijwilliger ter plekke in het veld gaat kijken. Aanwezige nesten worden op die manier in beeld gebracht en (digitaal) op kaart vastgelegd. De deelnemer waar gevlogen is, wordt vervolgens op de hoogte gebracht van de eventueel gevonden nesten.

Niet alle deelnemers hebben een vrijwilliger tot hun beschikking die helpt bij het zoeken van nesten. De drone biedt hier uitkomst, omdat deze een perceel snel in kaart kan brengen. Heeft u legselbeheer, maar geen vrijwilliger en wilt u weten waar de nesten aanwezig zijn? Neem dan contact op met uw veldcoördinator. Hij heeft contacten met de dronepiloten over de inzet van de drones.

Last minute beheer afsluiten

Het weidevogelseizoen is volop aan de gang, vele nesten zijn al aangetroffen en binnenkort lopen de eerste (kievit)kuikens rond. Ook het gras groeit en over niet al te lange tijd gaan de eerste boeren weer maaien. Wanneer u een perceel heeft met nesten of kuikens, is het mogelijk last minute beheer af te sluiten om de weidevogels te helpen.

Last minute beheer betekent dat u op het laatste moment beheer afsluit om de op dat moment aanwezige weidevogels te helpen tijdens het broedseizoen. Er zijn twee verschillende vormen van last minute beheer: het verlengen van de rustperiode van bestaand beheer of het realiseren van een kuikenveld. Uiteraard ontvangt u voor last minute beheer een vergoeding.

Het verlengen van de rustperiode van bestaand beheer betekent bijvoorbeeld dat grasland met rustperiode tot 1 juni wordt verlengd naar grasland met rustperiode tot 15 juni. Normaal wordt het beheer dan verlengd tot een datum dat er geen kuikens meer verwacht worden op het perceel. Het verlengen van de rustperiode kan daarmee het verschil maken tussen het al dan niet vliegvlug worden van de jonge vogels.

Een kuikenveld betekent dat u een deel van het perceel minimaal twee weken later maait dan de rest van het perceel en dat het gewas tot minimaal 1 juni blijft staan. In de meeste gevallen bestaat een kuikenveld uit een blok of uit een strook van minimaal 6 meter breed. Een kuikenveld kan zowel op percelen zonder beheer als op percelen met legselbeheer afgesloten worden. Het kuikenveld vormt een veilige haven gedurende de eerste weken na het uitkomen uit het ei, waardoor de overlevingskansen van de kuikens aanzienlijk vergroot worden.

Met last minute beheer geeft u de aanwezige kuikens extra opgroeikansen op de locaties waar ze daadwerkelijk gezien zijn. We behalen hiermee erg goede en zichtbare resultaten! Op onze website vindt u een flyer met nadere informatie over last minute beheer (https://www.collectiefnoordwestoverijssel.nl/wp-content/uploads/2021/04/Flyer-lastminutebeheer-CNWO-2021.pdf). Uw veldcoördinator kan u informeren over de mogelijkheden, vergoedingen en voorwaarden.

Beheerjaar 2021 en daarna

De plasdrassen zijn gevuld, de rustperiodes van kruidenrijk grasland en grasland met rustperiode zijn in gegaan en de weidevogels zijn weer terug. Kortom, het broedseizoen is in volle gang en samen proberen we er een succes van te maken. Vanuit het Collectief even een aantal praktische zaken waar we uw aandacht voor vragen.

Plasdrassen

Plasdrassen zijn van groot belang voor weidevogels en hun kuikens, omdat er veel en makkelijk bereikbaar voedsel aanwezig is. Het is voor het Collectief dan ook een belangrijk aandachtspunt om de plasdrassen goed onder water te houden gedurende het seizoen. Soms lukt dit niet goed, bijvoorbeeld door storing van de pomp of grote droogte. Is dit bij uw plasdras het geval? Neem dan z.s.m. contact op met uw veldcoördinator, zodat we samen kunnen kijken naar een oplossing, bijvoorbeeld door inzet van de vijzelpomp van het Collectief.

Schouw 2021

Zoals ieder jaar vindt ook in 2021 de schouw weer plaats. Bij deze schouw wordt gecontroleerd of het beheer voldoet aan de afgesproken beheervoorwaarden. De schouw is onderdeel van de opdracht die het Collectief heeft meegekregen voor de uitvoering van het ANLb. Bij de schouw controleren onze medewerkers de beheereenheden. Hierbij gaat het om een veldcoördinator die normaal gesproken actief is in een ander gebied, om zo de onafhankelijkheid te waarborgen. Het is mogelijk dat uw percelen in 2021 gecontroleerd worden. Indien er een afwijking wordt geconstateerd, neemt de schouwer contact met u op.

Naast de schouw door het Collectief controleert ook de NVWA of het beheer conform de beheereisen wordt uitgevoerd. Het Collectief weet niet op voorhand welke percelen de NVWA gedurende een jaar gaat controleren. Wanneer de NVWA een afwijking constateert neemt de controleur waar mogelijk contact met u op.

Kennisverspreiding

Voor 2021 heeft het Collectief kennisverspreiding als speerpunt opgenomen in het jaarplan. Hiermee hoopt het Collectief bij te dragen aan de kennisontwikkeling van deelnemers om op die manier de kwaliteit van het beheer naar een hoger niveau te tillen, zodat de vogels optimaal kunnen profiteren van uw inspanningen. Afhankelijk van de mogelijkheden rond corona, gaat het Collectief onder andere verschillende bijeenkomsten organiseren over het beheer. Hierbij kunt u denken aan bijeenkomsten over plasdras, kruidenrijk grasland of het beheer van houtwallen. Houd uw mailbox hiervoor in de gaten!

2022

2021 is het laatste jaar onder het huidige stelsel van het ANLb. Dat betekent dat de huidige contractperiode na dit jaar afloopt. Vanaf 2023 start het nieuwe stelsel voor agrarisch natuurbeheer. Dat betekent dat 2022 een tussenjaar is, waarbij we ervoor kunnen kiezen het huidige beheer te verlengen of te beëindigen. Er zijn dus ook in 2022 mogelijkheden om deel te nemen aan agrarisch natuurbeheer. Ondertussen is CNWO achter de schermen druk bezig om de verlenging het ANLb voor te bereiden. We gaan uit van een duurzame voortzetting van de ANLb-overeenkomsten en willen dit zo optimaal mogelijk regelen voor onze deelnemers. Rond de zomer van 2021 zullen we u hierover nader informeren.

 

Van de voorzitter: drukte in het boerenland

Al vanaf begin februari is er volop activiteit op het boerenland in Noordwest Overijssel. Op veel percelen is (ruige) mest uitgereden en toen er nog ijs in de sloot lag zijn de eerste hooilandpompen al geplaatst. Ook werden nieuwe contracten afgesloten. Verder werd geïnvesteerd in drones, wildcamera’s, nestbeschermingsmateriaal en andere spullen om predatie van weidevogels te beteugelen. Ik kan gerust stellen dat alles in het werk is gesteld om er een succesvol weidevogeljaar van te maken. Op meer dan 50 plaatsen ligt een plasdras, vrijwilligers willen graag helpen de nesten op te sporen met drones, we hebben duizenden hectares agrarisch natuurbeheer liggen en  op de plekken waar het er straks echt om gaat spannen kunnen we nog ‘last minute’ beheer inzetten. Ik ben trots als ik kijk naar de inzet van al deze maatregelen, de inzet van vrijwilligers en ook de professionele krachten. We werken samen keihard aan een optimale leefomgeving voor weidevogels.

Toch is dit nog geen garantie voor succes. Het succes van het broedseizoen 2021 zal worden bepaald door drie belangrijke factoren. De eerste hebben we niet in de hand. Dat is het weer. We kunnen alleen maar hopen dat het weer dit jaar gunstig uitpakt voor het broedsucces en het vliegvlug worden van de pullen. De tweede factor is predatie. We kunnen elkaar en ook de WBE’s goed op de hoogte houden van wat we zien in het veld. Het helpt de WBE’s echt als ze weten welke predatoren de grootste boosdoeners zijn. Zie je kraaien, steenmarters, vossen, hermelijnen die de nesten van weidevogels opvreten, laat het weten. De laatste factor is de mens. Wij moeten weinig in het land lopen om verstoring te beperken en voor bewerkingen de nesten (laten) opzoeken en beschermen. Dit jaar kan de drone hierbij ook een rol spelen.

Ik wens iedereen een prachtig weidevogelseizoen en mooie landbouw- en natuuropbrengsten van het land. Tot slot wil ik u erop wijzen dat wij de geplande ALV tot nader orde uitstellen vanwege de huidige coronasituatie. Wij geven er nadrukkelijk de voorkeur aan om u persoonlijk te ontvangen bij de ALV en we hopen dat dat mogelijk is als we de ALV vooruitschuiven. U wordt hierover nog nader geïnformeerd door het collectief.